Bijna iedereen zou graag willen werken. Sommigen zijn bang dat als je (volledig) arbeidsongeschikt bent, je dan nooit meer wat kunt doen. Gelukkig zijn er altijd mogelijkheden om aan de slag te gaan als je daar aan toe bent. Er zijn alleen vaak wel een hoop regels en mogelijke gevolgen voor je uitkering waar je rekening mee moet houden. In deze blog geef ik een eerste overzicht van verschillende soorten werk en wat voor regels er gelden als je een Ziektewet, WIA-WGA/IVA of WAJONG uitkering hebt. Daarna vertel ik wat er gekort kan worden op deze uitkeringen en wanneer je te maken kan krijgen met een herkeuring.

Let op: deze blog is met zorg geschreven op basis van de regels die gelden ten tijde van het schrijven. Het blijft altijd jouw eigen verantwoordelijkheid om te controleren bij het UWV en de belastingdienst wat jouw geplande werkzaamheden voor effect hebben en welke regels en voorwaarden er gelden.

Loon vanuit een werkgever

Je werkt voor een werkgever als jij een contract hebt, loon of salaris krijgt en de werkgever sociale premies betaalt en loonbelasting inhoud. Ook werken voor een uitzendbureau valt onder loon. Je moet ten alle tijden jouw werk en inkomsten doorgeven aan het UWV via het wijzigingsformulier van jouw uitkering op de website. UWV verrekent de inkomsten met je uitkering.

Vrijwilligerswerk

Hoewel je in principe geen toestemming nodig hebt van het UWV om vrijwilligerswerk te gaan doen, moet je het wel altijd doorgeven via het wijzigingsformulier van jouw uitkering op de website. Het UWV weegt jouw belastbaarheid als vrijwilliger namelijk mee in de beoordeling of jij wel of niet kan werken. Als je meer werkt als vrijwilliger dan dat je volgens je uitkering zou kunnen, kan dit natuurlijk reden zijn voor het UWV om jou opnieuw te gaan beoordelen.

Als je vrijwilligerswerk wilt gaan doen zijn er daarnaast nog deze regels waaraan het werk moet voldoen:

  • Het bedrijf/werk mag geen winstoogmerk hebben
  • De vrijwilligers functie mag niet de plek innemen van een betaalde functie
  • Je krijgt niet betaald voor het werk, hoogstens een vrijwilligersvergoeding

Een vrijwilligersvergoeding mag je houden

Een leuke meevaller is dat je over een vrijwilligersvergoeding geen belasting hoeft te betalen, al moet je het wel melden op je belastingaangifte. Het wordt ook in principe niet gekort op je uitkering. Maar dit geldt beiden alleen voor dat gedeelte van het totaal uit AL jouw vrijwilligers inkomsten en vergoedingen dat onder de maximale grenzen valt. In 2019 zijn dat:

  • De (onkosten)vergoeding mag niet hoger mag zijn dan € 170 per maand.
  • Het totale bedrag mag niet hoger zijn dan € 1.700 per jaar. (Dit is 10 x 170, niet 12!)
  • Bij een vergoeding per uur geldt ook nog een maximum van € 5 per uur als je 22 of ouder bent en € 2,75 per uur als je jonger dan 22 bent.

Zelfstandig werk

Het is altijd aan te raden om jouw werkzaamheden met het UWV te bespreken, zodat je zeker weet dat er geen problemen ontstaan. Maar als vuistregel kun je aanhouden dat alle inkomsten die je bij de belastingdienst moet opgeven, je ook bij het UWV moet doorgeven. Deze inkomsten worden bijna altijd verrekend met je uitkering. Houd er ook rekening mee dat je zelf achteraf nog belasting moet betalen over je inkomsten en je dit alvast apart houdt!

Bijverdienen

Maar wanneer moet jij dan je bijverdiensten opgeven aan de belastingdienst en dus ook aan het UWV? Eigenlijk zijn dit alle extra inkomsten die je hebt, behalve de inkomsten uit klussen voor vrienden of familie waarvoor je alleen je onkosten vergoed krijgt. Er is dus verschil tussen een vergoeding voor de reiskosten naar je familie om op te passen en betaald oppassen voor anderen dan vrienden en familie. Krijg jij geld uit advertenties op je website of geef je betaald bijles? Dan hoor je dit op te geven als ‘andere inkomsten’ op je belastingaangifte. Verkoop van spullen via marktplaats telt alleen mee als je dit bedrijfsmatig doet. Hetzelfde geldt voor het verhuren van een kamer.

Of de werkzaamheden gekort worden kun je in dit geval het beste bij het UWV controleren met een uitgebreide omschrijving van jouw plannen: wat ga je doen? Hoe vaak/hoe veel? Wat verwacht je aan inkomsten?

Werk als freelancer

Als jij geen ondernemer bent, maar wel inkomsten hebt zoals bijvoorbeeld als freelancer dan heet dit inkomsten uit overig werk. Je belastbare winst (=inkomsten – kosten en aftrekposten) wordt berekend alsof je een ondernemer bent en verrekend met je uitkering. Maar je hebt geen recht op speciale belastingvoordelen voor ondernemers. Je hoeft ook geen boekhouding bij te houden, al moet je wel alle informatie over je inkomsten en kosten bewaren. Je betaalt geen sociale premies.

Werk als zelfstandig ondernemer

Als zelfstandige/ondernemer/zzp-er met een kvk inschrijving heb je recht op belastingvoordelen en aftrekposten zoals bijvoorbeeld de zelfstandigenaftrek, willekeurige afschrijving of de investeringsaftrek. Je moet belasting betalen en een boekhouding bijhouden. Het UWV verrekent je belastbare winst (=inkomsten – kosten en aftrekposten) en ondernemersaftrek en mkb-vrijstelling met je uitkering. Je betaalt geen sociale premies. Deze pagina van de belastingdienst is speciaal voor startende ondernemers.

Let op: als je geen sociale premies betaalt ben jij niet verzekerd voor arbeidsongeschiktheid. Dit betekend dat als jij niet particulier verzekerd bent, wat zeer moeilijk is als chronische zieke, en je dermate lang genoeg verdient dat je je (terugval)recht op uitkering verliest, je niet opnieuw een uitkering bij het UWV kunt aanvragen! Je kunt je via het UWV wel altijd vrijwillig verzekeren. Bereken je premie in deze rekenhulp.

De KOR – Kleine Ondernemers Regeling (2020)

Als jij als zelfstandige minder omzet maakt dan €20.000 per jaar, kun je je ook aanmelden voor de KOR. In de Kleine Ondernemers Regeling hoef je geen aangifte doen van belasting en ook geen BTW te betalen. Dit scheelt een hoop administratie en gedoe. Zolang de belastingdienst vindt dat jij geen winst maakt of extra inkomen hebt, zal het UWV de winst of het inkomen dat er niet is ook niet verrekenen met je uitkering. (Controleer dit altijd zelf vooraf bij UWV!).

In de KOR mag je de belasting op je uitgaven en inkopen voor je bedrijf niet meer aftrekken. Het is dus per situatie verschillend of de voor en nadelen van de regeling voor jou opwegen. Doe jij veel inkopen of investeringen voor je bedrijf? Wil jij dat je klanten BTW kunnen aftrekken? Hoeveel administratie wil je doen of uitbesteden? Wat voorbeelden van verschillende typen bedrijfjes en de KOR worden hier doorgerekend. Je moet je afmelden zodra je omzet boven de €20.000 grens komt, als dat niet zo is kun je pas 3 jaar na aanmelding uitstappen. Je kunt dus niet tussentijds even snel een grote investering doen. Het is dus verstandig om goed je plannen op een rij te zetten en door te rekenen.

Met deze check kun je controleren of je voor de KOR in aanmerking komt.

Hoeveel word ik gekort op mijn uitkering en wanneer krijg ik een herkeuring?

Hoeveel je van je extra inkomsten als zelfstandige of uit loondienst mag houden verschilt per uitkering en daarom behandel ik ze apart. Een proefberekening van je totale inkomsten kan je maken met de rekenhulpen van het UWV. Daar, en hier, gaan we uit van bruto bedragen waar nog geen belasting over is ingehouden. Dit betekent dat de bedragen die je ziet hoger zijn dan wat je netto op je bankrekening krijgt.

Belangrijk: ontvang jij toeslagen? Dan hebben extra inkomsten misschien invloed op de hoogte van de toeslag die je ontvangt! Check dit en geef wijzigingen in je situatie altijd op tijd door.

Ziektewet

Als je gedeeltelijk gaat werken en je hebt geen werkgever meer hebt dan wordt er 70% van je extra inkomen gekort op je Ziektewet. Je mag dus 30% van je extra inkomsten houden. Bereken je totale inkomen met de rekenhulp. Een ziektewet medewerker (en eventueel een verzekeringsarts) van het UWV zullen beoordelen wanneer er sprake is van volledig herstel op basis van belastbaarheid en inkomsten.

WIA - WGA/IVA

De WGA en IVA uitkeringen zijn beiden een vorm van een WIA uitkering. Ik behandel ze hier apart. Wil je meer lezen over de verschillende WIA uitkeringen en wanneer je welke krijgt, lees dan de uitgebreide uitleg van Anita.

WGA

In de WGA kan je 3 verschillende uitkeringen hebben, de LGU, LAU en VVU. Voor alle WGA uitkeringen geldt:

Wanneer je een jaar meer dan 65% van je oude loon verdient stopt je WGA uitkering.

Terugvalmogelijkheid: Raak je binnen 5 jaar opnieuw arbeidsongeschikt door dezelfde ziekte dan kan je WGA uitkering opnieuw worden toegekend.

LGU

WGA 35%-80% en WGA 80%-100%: Werk je naast je LGU uitkering? Ontvang jij 75% van het WIA maandloon? (Dit is tijdens de eerste twee maanden van de LGU.) Dan worden jouw inkomsten voor 75% in mindering gebracht op de uitkering. Dat betekent dat je 25% van je inkomsten mag houden. Ontvang jij 70% van je WIA maandloon? Dan worden je inkomsten voor 70% in mindering gebracht op de uitkering. Dat betekent dat je 30% van je inkomsten mag houden. Je totale inkomsten (uitkering + inkomsten) zijn altijd hoger dan wanneer je niet zou werken.

LAU

WGA 35%-80%: Een LAU krijg je als je meer dan 50% verdient dan wat jij volgens je WGA 35%-80% -beslissing nu nog zou kunnen verdienen (de RVC = restverdiencapaciteit). Alle inkomsten onder de 100% van je RVC mag je houden. Er wordt dan namelijk ongeacht je inkomsten al 70% van je RVC ingehouden. Verdien je meer dan 100% van je RVC dan wordt 70% van je daadwerkelijke inkomsten (in plaats van 70% van je RVC) gekort op je uitkering. Van de inkomsten onder je RVC mag je dus alles houden en van je inkomsten boven je RVC dus 30%. Je gaat er altijd op vooruit naarmate je meer verdient.

WGA 80%-100%: In deze categorie ontvang je 70% van je WIA maandloon als uitkering. UWV kort 70% van je inkomsten op je uitkering. Je mag dus 30% van je inkomsten houden.

VVU

WGA 35%-80%: Alles wat je verdient mag je houden. Als je meer dan 50% van je restverdiencapaciteit (RVC) verdient dan krijg je een LAU die een stuk hoger is. Je kan er dan dus flink op vooruit gaan. Vervolgens geldt daar dan de grens en kortingsregel van de LAU. Dit wordt per maand beoordeeld. Je gaat er altijd op vooruit naarmate je meer verdient.

WGA 80%-100%: in deze categorie krijg je geen VVU

IVA

Ga je werken naast je IVA uitkering, dan wordt 70% van wat je verdient gekort. Je mag dus 30% van je extra inkomsten houden.

Wanneer jij 1 jaar lang maandelijks 20% van je uitkering verdient kan je een herkeuring krijgen. Er ligt wel een voorstel in het regeerakkoord om pas na 5 jaar opnieuw te beoordelen.

Terugvalmogelijkheid: Raak je binnen 5 jaar opnieuw arbeidsongeschikt door dezelfde ziekte dan kan je IVA uitkering opnieuw worden toegekend.

 

Wajong

Er zijn op dit moment drie verschillende wajong uitkeringen waar je onder kunt vallen: de oude wajong, wajong 2010 en de nieuwe wajong 2015.

Oude wajong

In de oude wajong wordt wat je daadwerkelijk verdient vergeleken met wat je zou moeten kunnen verdienen als je niet ziek was, het maatmanloon: maatmanloon – verdiensten / maatmanloon X 100%= arbeidsongeschiktheids%

Per arbeidsongeschiktheidsklasse (een %-interval) krijg je een vast percentage van het minimum(jeugd)loon uitbetaald als uitkering. Het kan dus ook zijn dat je door het extra werk een arbeidsongeschiktheidsklasse opschuift en je er qua inkomen op achteruit gaat. Je kunt een proefberekening maken met de rekenhulp Oude Wajong, maar het is het beste om zeker in dit geval contact op te nemen met je arbeidsdeskundige en te overleggen wat voor jou het voordeligst is. Het kan namelijk misschien voordeliger zijn om over te stappen naar wajong 2010, zodat het werken meer loont. Voorbeelden daarvan vind je hier.

Je krijgt een herbeoordeling als je langer dan 5 jaar werkt. Je kan dan worden ingedeeld in een andere arbeidsongeschikheidsklasse. Of je uitkering stopt als je minimaal 75% van het minimum(jeugd)loon verdient én geen extra hulpmiddelen of begeleiding nodig hebt bij je werk.

Terugvalmogelijkheid: Raak je binnen 5 jaar opnieuw arbeidsongeschikt door dezelfde ziekte dan kan de Oude Wajong uitkering opnieuw worden toegekend.

Wajong 2010

Grofweg kan je stellen dat van elke euro die je bruto aan extra inkomen krijgt je de helft bruto mag houden, bovenop je uitkering. Of deze euro nou komt uit werk of een andere uitkering (ziektewet/WIA/WW). Dit is totdat je uitkering en extra inkomen samen ongeveer tussen de  € 1400-1600 zijn als je geen en ongeveer € 800 als je nog wel een opleiding volgt. Daarboven worden alle inkomsten ingehouden op je uitkering. De precieze bedragen van jouw totale inkomen hangen af van je leeftijd, of je arbeidsvermogen hebt, een opleiding volgt en hoeveel je nog zelf werkt, kijk hiervoor in de rekenhulp Wajong 2010.

Het recht op een uitkering eindigt: Of als je langer dan 1 jaar zelf het volledige minimum(jeugd)loon verdient én geen extra hulpmiddelen of begeleiding nodig hebt bij je werk. Of als je na 5 jaar werken minimaal 75% van het maatmanloon (=bedrag dat je zou kunnen verdienen als je niet ziek was) verdient.

Terugvalmogelijkheid: Raak je binnen 5 jaar opnieuw arbeidsongeschikt door dezelfde ziekte en kun je niet langer meer dan 75% van jouw maatmanloon verdienen? Dan kun je opnieuw je Wajong 2010-uitkering aanvragen.

Wajong 2015

Als je naast je wajong 2015 gaat werken geldt dat UWV al je inkomsten uit werk aftrekt van je uitkering.

Je kan een herbeoordeling arbeidsvermogen krijgen, als vuistregel, wanneer je meer dan twee uur per dag met minstens het minimumloon per uur of anders 4 uur per dag werkt en dit een langere periode vol houdt. Als uit de herbeoordeling blijkt dat je toch (weer) arbeidsvermogen hebt dan vervalt je recht op wajong.

Terugvalmogelijkheid: Verlies je binnen 5 jaar door een terugval in je eerdere ziekte jouw arbeidsvermogen voor dan en ook de toekomst, dan kun je je Wajong 2015 terugkrijgen.

 

Vond je dit artikel duidelijk en nuttig? Of heb je nog vragen? Laat een reactie achter of praat mee in de facebook community!

Geschreven door Online Buddie: Anne